top_bar
Verschill met andere stoornissen
De PTSS verschilt van andere angststoornissen omdat mensen niet het trauma zelf, maar de herinnering aan het trauma uit de weg wil gaan.

PTSS

Een posttraumatische stress-stoornis is een angststoornis die wordt veroorzaakt door eenmalige of herhaaldelijke schokkende of levensbedreigende gebeurtenissen. Tijdens de gebeurtenis gebeurt er iets waardoor men het gevoel van controle kwijtraakt. Mensen die dit overkomt raken het vertrouwen in zichzelf en andere mensen kwijt, de zekerheid van het bestaan en het idee van de eigen onkwetsbaarheid.
Zo'n schokkende gebeurtenis kan het geestelijk en lichamelijk evenwicht ernstig verstoren. Geest en lichaam blijven als het ware rekening houden met gevaar dat er niet meer is: de angst blijft voortdurend bestaan. Dit belemmert mensen met PTSS op veel manieren in hun dagelijks leven.

Oorzaken posttraumatische stress-stoornis

De oorzaken kunnen van een PTSS kunnen verschillend zijn. Iemand kan zelf slachtoffer zijn geweest of zijn geconfronteerd met ernstig leed of de dood van anderen, door:

  • mishandeling.
  • seksueel misbruik.
  • oorlogservaringen.
  • ernstige ongevallen.
  • natuurrampen.

Symptomen posttraumatische stress-stoornis

PTSS kan ontstaan door een ervaring in de kindertijd, dan is er sprake van een chronisch trauma. Bij ontstaan van een PTSS op volwassen leeftijd kunnen de symptomen ook langere tijd na de gebeurtenis nog ontstaan. Veel voorkomende symptomen van PTSS zijn:

Herbelevingen op één van de volgende manieren:

  • herhaaldelijke onaangename herinneringen aan de gebeurtenis.
  • terugkerende akelige dromen over de gebeurtenis.
  • handelen of voelen alsof de gebeurtenis opnieuw plaatsvindt.
  • intens psychisch lijden bij ervaringen die aan de gebeurtenis herinneren.
  • lichamelijke reacties bij ervaringen die aan de gebeurtenis herinneren.

Aanhoudend vermijden van prikkels die bij het trauma hoorden of afstomping:

  • gedachten, gevoelens of gesprekken horend bij het trauma vermijden.
  • activiteiten, plaatsen of mensen die herinneren aan het trauma vermijden.

Negatieve verandering in cognities en stemming

  • onvermogen zich een belangrijk aspect van het trauma te herinneren.
  • overdreven negatieve overtuigingen of verwachtingen over zichzelf, anderen of de wereld.
  • vertekende cognities over de oorzak of gevolgen van de psychetraumatische gebeurtenis(sen), die ertoe leiden dat de betrokkene zichzelf of anderen er de schuld van geeft.
  • Aanhoudende negatieve gemoedtoestand (b. angst, afschuw, boosheid, schuldgevoelens of schaamte.
  • duidelijk verminderde belangstelling voor of deelneming aan activiteiten.
  • gevoelens van onthechting of vervreemding van anderen.
  • beperkt spectrum van gevoelens (bv. niet in staat liefde of geluk te voelen).
  • gevoel een beperkte toekomst te hebben (bv. verwacht geen carrière te zullen maken, geen huwelijk, geen kinderen of geen normale levensverwachting).

Aanhoudende symptomen van verhoogde prikkelbaarheid:

  • prikkelbaarheid of woede-uitbarstingen.
  • roekeloos of zelfdestructief gedrag.
  • overmatige waakzaamheid.
  • overdreven schrikreacties.
  • moeite met concentreren.
  • moeite met inslapen of doorslapen.